home
forum
artikelen
ex-moslims
links


FFI-international: Engels
FFI-international Forum


Vraag Tante Latifa

Heb je islam-gerelateerde vragen over familie, vrienden en geliefden? Word je geconfronteerd met een moeilijke situatie, en zou je graag een advies willen?
Stel je vraag aan tante Latifa!



Vraag tante Latifa!

(Zie ook Engelstalig)

Islam en neo-oriëntalisme - Lieven Van Mele

Islam en neo-oriëntalisme

In de 19º en eerste helft van de 20º eeuw reisden heel wat Europese oriëntalisten de « exotische » Arabische wereld af om de Islam te bestuderen en daar verslag van te maken. Hun bevindingen werden gretig gelezen door een grotendeels onwetend publiek voor wie de « oriënt » een fascinerende ver-van-mijn-bed-show was. Onvermijdelijk moet je aan deze periode terugdenken bij het lezen van het recentste boek van Maurice Berger. In Islam onder mijn huid neemt deze Nederlandse Arabist ons mee op reis naar Egypte en Syrië, inclusief een paar uitstapjes naar Libanon en Saoedi-Arabië. Van Maurits Berger verscheen eerder Kruistocht en Jihad in 2001 naar aanleiding van de gebeurtenissen van 11 september, en Islam is een sinaasappel in 1999. Berger volgde les sharia (Islamitisch recht) in Damascus bij een sjeik- welke wordt niet vermeld- en woonde een tijdlang in Cairo en Damascus. Een sterk punt bij Maurits Berger is ongetwijfeld zijn aangename en vlotte vertelstijl (Islam onder mijn huid vertoont net als Islam is een sinaasappel romankenmerken). Maurits Berger brengt als het ware het nieuws achter het nieuws en niet zozeer de harde feiten en al dan niet sensationele items van de internationale persbureaus. Een aantal mensen komen aan het woord over wat ze denken over de Islam en de relaties tussen de Arabische wereld en het Westen. Berger geeft de indruk de materie onbevangen en onbevooroordeeld te benaderen, met het nodige respect en zelfs nederigheid. Bij oppervlakkige lectuur komt het over alsof hij een zoeker naar waarheid is die bij autochtone Nederlanders en Vlamingen een evenwichtiger beeld wil scheppen van de Islam om zo eventuele conflictstof tussen Islamieten en niet-Islamieten te ontmijnen. Helaas is dit maar schijn.

Apologie van de Islam

Een paar maanden geleden gaven wij in Meervoud naar aanleiding van het verschijnen van het anti-Islamitische werk De islam, hoelang nog? van Koenraad Elst een overzicht van de soorten Islamdeskundigen die zich onder de autochtone westerse bevolking bevinden. We hadden het over eenzijdige anti’s zoals Oriana Fallaci, eenzijdige pro’s zoals Herman De Ley en alles wat daar tussen zweeft. We keerden ons toen zowel tegen een eenzijdige anti-benadering van de Islam als tegen een eenzijdige pro-houding en hielden een pleidooi voor een meer genuanceerde aanpak. Na lectuur van Maurits Bergers recentste boek, zijn vorige boeken en de vrije tribunes en interviews die ondertussen her en der zijn verschenen moeten we vaststellen dat Berger manifest tot de categorie eenzijdige pro’s behoort. Daar bestaat een term voor : neo-oriëntalisme. Neo-oriëntalisten ofte neo-ori's leven in een droomwereld. Hun doel is niet een objectief verhaal te maken over de Islam, maar de Islam zo voor te stellen alsof deze religie het beste is wat ons overkomen is sedert de uitvinding van het wiel. Neo-oriëntalisten citeren enkel die teksten uit de Koran, de hadith (verzameling van uitspraken en handelingen van de profeet Mohammed), de sharia, de geschiedenis en de actualiteit die hun doel dienen, en dat is de Islam te idealiseren. Hun werkwijze is identiek aan die van extreem-rechts, dat exact hetzelfde doet maar dan in omgekeerde richting : enkel negatieve zaken citeren met de bedoeling de Islam zo slecht mogelijk te kunnen voorstellen. Hier volgen enkele voorbeelden van opvallende eenzijdigheid in de huidige en vroegere non-fictie van Maurits Berger.

Over het lot van christenen en joden in de door de Arabisch-Islamitische legers veroverde gebieden schrijft Maurits Berger op bladzijde 103: « Anders dan vaak wordt aangenomen werden zij niet gedwongen zich te bekeren tot de islam. Dat wordt door de Islam expliciet verboden ». Dat wordt door de Islam expliciet verboden? In hoofdstuk 9 (al-tawba, Het Berouw) vers 29 van de Koran staat nochtans geschreven: « Bestrijdt hen die niet geloven in God noch in de Laatste Dag en die niet verboden stellen wat God en Zijn boodschapper verboden hebben gesteld en die niet zich voegen naar de wezenlijke godsdienst onder degenen aan wie de Schrift gegeven is totdat zij uit de hand de schatting opbrengen in onderdanigheid ». In de hadithverzameling van Muslim (817-875), samen met die van Bukhari (810-870) toch de meest betrouwbare hadithcompilatie, kan je lezen dat de profeet Mohammed verklaard heeft: « I have been commanded to fight against people so long as they do not declare that there is no God but Allah »(1). En in het boek Risala van al-Shafi (767-820), grondlegger van de Islamitische fiqh (jurisprudentie) en initiator van een van de vier Islamitisch-sunnitische rechtsscholen luidt het dan weer: « On the basis of the Qur’an, which states that the unbelievers should be fought until they accept Islam,… »(2). Het is vrijwel uitgesloten dat Maurits Berger, die ondertussen sharia doceert in de lage landen, deze teksten niet zou kennen. De neo-oriëntalistische topmantra over de goede behandeling van religieuze minderheden in de Islamitische wereld in de loop der tijden werd op overtuigende wijze ontkracht door de in Zwitserland residerende Joods-Egyptische historica Bat Ye’or in haar boek Islam and Dhimmitude, Where Civilizations Collide (3). Uit het uitgebreide en door iedereen gemakkelijk te verifiëren bronnen- en feitenmateriaal dat Bat Ye'or presenteert blijkt dat op basis van de voorschriften van de sharia christenen en joden tijdens het tijdperk van de Omeyyaden (Damascus), Abassiden (Bagdad) en Ottomanen (Istanbul) zwaar werden gediscrimineerd, gedwongen bekeringen schering en inslag waren en heel wat kerken en synagogen werden vernield. Het is pas dankzij de kolonisatie van Noord-Afrika en het Midden-Oosten door de toenmalige Britse en Franse grootmachten dat de meeste van deze discriminaties werden opgeheven, en de door de sharia goedgekeurde slavernij eindelijk werd afgeschaft.

Op bladzijde 151 schrijft Berger dat de religieuze intolerantie in Saoedi-Arabië niks te maken heeft met de Islam. Nochtans baseert het Saoedische regime zich gewoon op het ideeëngoed van Ibn Taymiyya (1263-1328), Islamitisch jurist van Hanbalitische obediëntie die nog steeds gretig wordt geciteerd door conservatieve moslims, en in zijn tijd wel degelijk beschouwd werd als een mainstream moslim, en geen "fundamentalist" of "integrist". Het is een al te doorzichtige truc van de neo-ori's : alles wat minder fraai oogt binnen de Islam wordt omgetoverd tot zijnde niet-Islamitisch. Goed dat een dergelijke manier van werken niet wordt getolereerd met betrekking tot het analyseren van het nazisme en het stalinisme. Maar als het gaat over het shariafascisme worden blijkbaar andere regels gehanteerd. Op pagina 56 gaat Berger dan weer kort uit de bocht wanneer hij het heeft over de situatie van de christelijke minderheid (de Kopten) in Egypte. De verhaaltjes over discriminatie zijn allemaal overdreven, luidt zijn boodschap. In werkelijkheid worden de Kopten wel degelijk geconfronteerd met discriminaties en pesterijen : in de jaren ’90 werden verschillende Koptische kerken in Zuid-Egypte in brand gestoken waarbij de daders bijna nooit gestraft werden. Kopten zijn ondervertegenwoordigd in de overheidsadministratie, het is hen verboden les Arabisch te geven op scholen, tijdens hun legerdienst worden de mannelijke Kopten verplicht cursus Islam te volgen en de nieuwbouw en restauratie van kerken wordt bemoeilijkt terwijl moskeeën als paddestoelen uit de grond rijzen. Kopten klagen er ook over dat op de Egyptische televisie vaak reactionaire Islamitische sjeiks verschijnen die boodschappen verkondigen genre "zeg op straat nooit als eerste goeiedag wanneer je een christen tegenkomt"…

Grond

Ook in de vorige werken van Berger werd de waarheid vaak geweld aangedaan. Over de Palestijns-Israëlische problematiek luidt het op bladzijde 32 van Kruistocht en Jihad: « Hamas ging nog verder en ontwikkelde een theorie over heilige Islamitische grond waarvoor zij zou vechten, een theorie die direct is overgenomen van het zionisme omdat de Islam dat begrip helemaal niet kent ». In werkelijkheid heeft men in de sharia een uitgebreide theorie uitgebouwd over de dar al-islam (het land van de Islam), andere soorten land (bijvoorbeeld de dar al-harb, het land van de oorlog) en de juridische consequenties die daaraan verbonden zijn. Bij Tariq Ramadan, kleinzoon van Hassan al-Banna (stichter van de Egyptische moslimbroeders) kan Maurits Berger zijn licht daarover opsteken(4). De jihad van Hamas is in de eerste plaats theologisch gemotiveerd -grond die ooit Islamitisch was moet heroverd worden-, de nationalistisch geïnspireerde "bevrijdingsstrijd" van Palestina komt pas op de tweede plaats. Op bladzijde 53 komt dan weer Berger’s lievelingsuitspraak aan bod als zou de veel gehoorde vraag en terre d'Islam om de sharia in te voeren een oproep zijn voor sociale rechtvaardigheid. Dat vele mensen in de Islamitische wereld als reactie op de autoritaire en dictatoriale regimes waarin zij leven pleiten voor de invoering van de sharia omdat ze denken dat dit zal leiden tot een meer rechtvaardige samenleving, klopt. Wat Maurits Berger echter nooit vertelt in zijn publicaties en interviews is wat de sharia nu eigenlijk inhoudt, of hoe het er aan toe gaat in landen waar de sharia werd of wordt toegepast (met als huidige tragische schoolvoorbeeld Soedan). Het is de verdienste van de Britse ex-moslim (nu atheïst) Ibn Warraq om voor een Europees publiek te hebben uitgelegd wat voor moois de sharia in petto heeft. Op vrij overtuigende wijze legt hij in zijn boek Why I am not a muslim uit dat de sharia een totalitair systeem is dat gedragsregels voorschrijft voor alle mogelijke aspecten van het leven, en in flagrante contradictie is met de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van de Verenigde Naties omwille van de vele discriminaties en de mensonterende sancties die erin zijn vervat(5). Neem nu de sanctie op afvalligheid. « Zowel het christendom als de islam verbieden afvalligheid », stelt Berger vergoelijkend op bladzijde 189 van zijn Islam is een sinaasappel. Het verschil is natuurlijk dat je in Europa en de Verenigde Staten zonder risico vaarwel kan zeggen aan pakweg het katholieke geloof en niet achtervolgd zult worden door het Vatikaan, terwijl een afvallige moslim volgens de sharia terechtgesteld moet worden, en in die Islamistische landen waar de sharia niet wordt toegepast in het beste geval sociaal geïsoleerd wordt. Maar goed, dat is een nuance, en genuanceerd denken is nu eenmaal niet iedereen gegeven.

Iran

Maurits Berger werd geïnterviewd over zijn boek in de krant De Standaard van 22 mei 2003. Ook daar blijkt weer dat Bergers kennis van de Islam veel gaten vertoont, in ieder geval net iets te veel gaten voor iemand die zich in Nederland zo ijverig tracht te profileren als de grote Islamspecialist. Over de verkiezingen in Iran : « Iran is misschien wel de meest democratische van alle islamitische staten. Aan hun verkiezingen kunnen wij een puntje zuigen. Die verlopen volstrekt eerlijk ». Het klopt dat er verschillende partijen kunnen deelnemen aan de Iranese verkiezingen, en daarin onderscheidt Iran zich in positieve zin van pakweg Tunesië, maar alvorens deel te mogen nemen aan de Iranese verkiezingen moet je als partij wel erkend worden, en de belangrijkste voorwaarde is dat je de Islamitische beginselen onderschrijft. Anders uitgedrukt, de zogenaamde vrije Iranese verkiezingen spelen zich uitsluitend af tussen verschillende strekkingen Islamitische partijen, omdat niet-Islamitische partijen niet mogen deelnemen. In hetzelfde gesprek maakt de interviewer van De Standaard de volgende opmerking: « Moslimfundamentalisten hebben problemen met de gelijkheid tussen man en vrouw. Ze beschouwen vrouwen als tweederangsburgers ». Reactie van Berger: « Daar ben ik het niet mee eens. Moslims hebben het over man en vrouw. Waar het om gaat is dat de geslachten gescheiden zijn. Gescheiden : dat is het enige ». Het vervelende met moslimfundamentalisten (in tegenstelling tot de meerderheid van « gewone » moslims) is dat zij de Koran en de hadith letterlijk nemen. En daarin staan precies een aantal weinig vrouwvriendelijke stellingen. Neem nu vers 34 van hoofdstuk 4 (al-nisa, De Vrouwen) van de Koran: « Maar zij van wie gij opstandigheid vreest, vermaant haar en vermijdt haar op de rustplaatsen en slaat haar ». In de hadithverzameling van de reeds geciteerde Bukhari luidt het: « Le prophète a dit: Le témoignage de la femme n’est-il pas égal à la moitié de celui de l’homme ? Cela tient à l’ infériorité de son intelligence»(6). In 1999 vaardigde Sheikh Jaber Al Sabah van Koeweit een koninklijk decreet uit met de bedoeling vrouwen stemrecht te geven bij de Koeweitse parlementsverkiezingen. De islamistische oppositie, die het Koeweitse parlement toen domineerde en net als Maurits Berger verliefd is op de sharia, wist dit snode plan echter tegen te houden. Hun motivatie : vrouwen zijn "unfit to hold political position"(7).

Opvallend is dat Maurits Berger het steeds maar heeft over « de Islam ». Maar, bestaat die wel, dé Islam? Wie bepaalt wat dé Islam is? Er bestaat binnen de Islam toch niet zoiets als een paus of een duidelijk gestructureerde hiërarchie? De geschiedenis van de Islam toont aan dat er verschillende soorten Islam bestaan. Gelukkig maar overigens. Opmerkelijk is dat zowel conservatieve/reactionaire moslims, extreem-rechtse racisten als neo-oriëntalisten het steeds maar hebben over "de Islam". Dat is ook logisch, want alle drie hebben ze een eenzijdige visie op de Islam en pikken er enkel uit wat in hun kraam past en bombarderen dat dan tot dé Islam. De Potemkinfaçade van redelijkheid en genuanceerdheid die Islam onder mijn huid tracht uit te stralen verbergt in werkelijkheid een heel welomlijnde, eigenzinnige, dogmatische en misleidende visie op het Islamgebeuren, duidelijk beïnvloed door het kleinburgerlijk politiek correct denken. Intellectueel een oneerlijke werkwijze, totaal onacademisch en weinig eervol. En vooral bijzonder jammer, want het leidt niet tot meer kennis, begrip en vertrouwen tussen mensen van verschillende religies (en niet-gelovigen), maar creëert alleen maar illusies. Het ontslaat bovendien reactionaire moslims van alle impulsen tot zelfkritiek en ridiculiseert de vele moderne Islamieten die binnen de Islam de sharia trachten te vervangen door een humaner rechtsstelsel. Neo-oriëntalisten kunnen zich dat alles permitteren omdat de meerderheid van de autochtone Europeanen (journalisten, opiniemakers, sfeerscheppers en beleidsmakers inbegrepen) toch maar vrij weinig weten over deze godsdienst. Dat het ook anders kan bewijst nochtans Washington Post-journaliste en gewezen correspondente in Cairo Caryle Murpy, die in haar recente boek Passion for Islam op een heel genuanceerde manier de Islamitische revival tracht te verklaren met als vertrekbasis (net als Berger) Egypte, onbevooroordeeld en met open blik de boer op gaat, en vertegenwoordigers van de meest uiteenlopende religieuze en politieke strekkingen aan het woord laat. Dat leidt uiteindelijk tot een evenwichtig en kleurrijk beeld en meer kennis. Murphy schrijft geen historiographie partisane(8). Volgende keer dus beter, habibi Maurits.

Lieven Van Mele



Maurits Berger, Islam onder mijn huid, Uitgeverij Contact, 2003, 208 blz.

(1) Muslim, Sahih Muslim, International Islamic Publishing House, Riyad, Saoedi-Arabië, 1971, bladzijde 16.
(2) Al-Shafi, Risala, Islamic Text Society, Cambridge, Groot-Britannië, 1997, bladzijde 265.
(3) Bat Ye'Or, Islam and Dhimmitude, Where Civilizations Collide, Maddison Teaneck, Lancaster, Groot-Brittannië, 2002, 528 bladzijden.
(4) Tariq Ramadan, Etre musulman Européen, Editions Tawhid, Lyon, Frankrijk, 1999, bladzijde 202-214.
(5) Ibn Warraq, Pourquoi je ne suis pas musulman, L’ Age d’ Homme, Lausanne, Zwitserland, 1999, bladzijde 207-247.
(6) El-Boukhari, Tradition Musulmane, Dar Al-Coran wa’l-hadith, Bagdad, Irak, 1980, blz. 268.
(7) The Middle East (maandblad), augustus/september 2003, blz. 25.
(8) Caryle Murphy, Passion for Islam, Scribner, New York, Verenigde Staten, 2002, 359 bladzijden.

Dit artikel verscheen eerder op de website van de Liberales


Debatteer mee op ons Forum!
Lees hier meer over islam en actualiteit!


Artikelen index